FED 2013/46
Bij het vaststellen van de inbrengwaarde van een woning dient rekening te worden gehouden met eventuele duurzame zelfbewoning
HR 01-02-2013, ECLI:NL:HR:2013:BX4036, m.nt. I.C.M. den Hollander
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 februari 2013
- Magistraten
Overgaauw, Bavinck, Sterk, Van Loon en Fierstra
- Zaaknummer
11/03882
- Conclusie
A-G Niessen
- Noot
I.C.M. den Hollander
- LJN
BX4036
- JCDI
JCDI:ADS23957:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Winst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2013:BX4036, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑02‑2013
ECLI:NL:PHR:2013:BX4036, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑07‑2012
Beroepschrift, Hoge Raad, 11‑10‑2011
- Wetingang
Art. 3.8 Wet IB 2001
Essentie
Bij het vaststellen van de inbrengwaarde van een woning dient rekening te worden gehouden met eventuele duurzame zelfbewoning
Samenvatting
Belanghebbende is op 1 januari 2004 een eenmanszaak gestart als accountant. De werkzaamheden verrichtte belanghebbende vanuit de woning die hij met zijn gezin bewoonde. Deze woning is met het oog op de werkzaamheden voor de onderneming verbouwd en uitgebreid. Belanghebbende heeft de woning op de openingsbalans geactiveerd naar de vrije verkoopwaarde op 1 januari 2004 (€ 600.000), welke waarde door partijen ook is overeengekomen bij een vaststellingsovereenkomst. In 2006 heeft belanghebbende de onderneming ingebracht in een BV. De woning is bij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.