V-N 2025/47.20
Vertrouwensbeginsel belet Nederlandse heffing op pensioen van inwoner van België met vrijstellingsverklaringen
HR 24-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1618, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 oktober 2025
- Magistraten
Van Eijsden, Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Peters
- Zaaknummer
24/00888
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD29894:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Loonbelasting / Pensioenregeling
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1618, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1255, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat de vrijstellingsverklaringen voor loonheffing op pensioenuitkeringen gerechtvaardigd vertrouwen hebben gewekt bij X, waardoor navordering door de inspecteur niet mogelijk is.
Samenvatting
A woont in België en ontvangt een pensioen uit Nederland, waarop geen loonheffing is ingehouden. Hij beschikt namelijk over vrijstellingsverklaringen. De vrijstelling is door de inspecteur per 1 januari 2018 ingetrokken. In geschil zijn de IB-navorderingsaanslagen 2014-2017. Nederland mag heffen over een pensioen als dat in België niet tegen het reguliere tarief is belast. Volgens Hof ’s-Hertogenbosch hebben de vrijstellingsverklaringen bij A het gerechtvaardigde vertrouwen gewekt dat het pensioen niet in Nederland is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.