Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.5.1:7.5.1 Voorstel voor een wettelijke regeling
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.5.1
7.5.1 Voorstel voor een wettelijke regeling
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630601:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals hiervoor betoogd, is het mijns inziens wenselijk dat er een wettelijke aanpassing komt. Ik heb een eerste ruwe schets voor een wettelijke regeling gemaakt. Het doel van deze ruwe schets is om aan te geven welke elementen terug moeten komen in de wettelijke regeling, maar ik heb hierbij niet de intentie gehad om een wettekst te maken die integraal kan worden overgenomen en die ook aan de andere eisen voor goede wetgeving voldoet.
Om te bewerkstelligen dat de voordelen worden toegerekend aan de periode waarin ze worden opgeroepen door de bedrijfsuitoefening:
Indien een lichaam op enig moment subjectief belastingplichtig wordt terwijl het lichaam tot dat moment nog niet subjectief belastingplichtig was (sfeerovergang), worden tot de totaalwinst slechts gerekend de nettovoordelen die toerekenbaar zijn aan de belastingplichtige periode.
Voordelen zijn toerekenbaar aan de belastingplichtige periode en behoren tot de totaalwinst als de opbrengsten worden opgeroepen door de bedrijfsuitoefening in de periode dat het lichaam belastingplichtig is.
Onder bedrijfsuitoefening wordt verstaan:
De periode waarin vermogensbestanddelen worden gebruikt of de arbeid wordt verricht;
De marktmutatie is ontstaan; of
Het moment waarop het voordeel veroorzakende besluit wordt genomen of de veroorzakende handeling wordt verricht.
Indien er een direct of indirect verband is tussen de uitgaven en de opbrengsten dient het matchingbeginsel te worden toegepast voor de toerekening van de uitgaven. Als de uitgaven niet kunnen worden toegerekend aan de opbrengsten (bijvoorbeeld bij een miskoop) worden ze toegerekend aan de hand van het veroorzakingsbeginsel.
Om te bewerkstellingen dat maximaal het daadwerkelijk gerealiseerde voordeel in de heffing wordt betrokken:
Indien een lichaam op enig moment subjectief belastingplichtig wordt terwijl de subjectieve belastingplicht tot dat moment niet was aangevangen (sfeerovergang) en vermogensbestanddelen worden vervreemd die op de fiscale openingsbalans waren gewaardeerd tegen de waarde in het economische verkeer, wordt maximaal het verschil tussen de historische kostprijs verminderd met de in de belaste periode tot uitdrukking gebrachte afschrijvingen en afwaarderingen en de gerealiseerde overdrachtsprijs tot de totaalwinst gerekend.
Deze regel geldt niet indien de belastingplicht ontstaat doordat het lichaam voor het eerst als inwoner van Nederland kwalificeert.