BNB 2026/6
Tariefverhoging onroerendezaakbelasting eigenaren niet-woningen. Evenredigheidsbeginsel. Taak van de rechter bij toetsing voorschrift
HR 26-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1385, m.nt. E. B. Pechler
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26 september 2025
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Cools, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
24/00864
- Conclusie
A-G Pauwels
- Noot
E. B. Pechler
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD39126:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Gemeentelijke belastingen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑09‑2025
ECLI:NL:HR:2025:1385, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑09‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:98, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑01‑2025
- Wetingang
Essentie
Tariefverhoging onroerendezaakbelasting eigenaren niet-woningen. Evenredigheidsbeginsel. Taak van de rechter bij toetsing voorschrift
Samenvatting
Voor niet-woningen heeft de gemeente tot en met 2020 onroerendezaakbelasting geheven naar twee tarieven: een tarief voor gebruikers en een tarief voor het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. Voor 2020 bedroeg het tarief voor gebruikers 0,3212% en voor eigenaren 0,3631%. Met ingang van 2021 is het tarief voor gebruikers verlaagd naar nihil en dat voor eigenaren verhoogd tot 0,7190%. Belanghebbende, eigenaar van niet-woningen, heeft voor het Hof betoogd dat de verhoging van 0,3631% tot 0,7190% in 2021 in strijd is met het evenredigheidsbeginsel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.