VR 2014/184
Rijvaardigheid. Vermoeden. Vrijspraak. Proces-verbaal.
RvS 19-03-2014, ECLI:NL:RVS:2014:962
- Instantie
Raad van State
- Datum
19 maart 2014
- Magistraten
mr. Koeman
- Zaaknummer
201305233/1/A1
- Vakgebied(en)
Verkeersrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2014:962, Uitspraak, Raad van State, 19‑03‑2014
- Wetingang
(art. 130, 131, 133 WVW1994; 2, 23 Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011)
Essentie
Rijvaardigheid. Vermoeden. Vrijspraak. Proces-verbaal.
Samenvatting
Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer de uitspraak van 16 januari 2013 in zaak nr. 201204366/1/A3, www.raadvanstate.nl), mag een bestuursorgaan, in dit geval het CBR, in beginsel uitgaan van de juistheid van een op ambtseed dan wel ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal. Dat geldt evenzeer voor de rechter, tenzij tegenbewijs noopt tot afwijking van dit uitgangspunt. Dat appellant bij de politierechter is vrijgesproken van het rijden onder invloed op basis van dezelfde processen-verbaal, leidt niet tot het oordeel dat het CBR bij de oplegging van de maatregel wegens strijd met het rechtszekerheidsbeginsel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.