NJ 1936/22
Vordering tot echtscheiding Ingesteld tegen den curator van een krankzinnige.
HR 14-11-1935, ECLI:NL:HR:1935:240, m.nt. Prof. Mr. Paul Scholten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 november 1935
- Magistraten
Mrs. Jhr. Feith, van Gelein Vitringa, Polak, de Menthon Bake, Servatius
- Zaaknummer
[14111935/NJ_1936-22]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. Mr. Paul Scholten
- JCDI
JCDI:ADS162564:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1935:240, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑11‑1935
- Wetingang
(BW art. 262-287, 506.)
Essentie
Vordering tot echtscheiding Ingesteld tegen den curator van een krankzinnige.
Samenvatting
De vrome, die wegens krankzinnigheid onder curateele is gesteld, kan nimmer zelve partij in een echtscheidingsprocedure zijn. Indien haar gedrag een grond tot echtscheiding heeft opgeleverd, zou de man nooit anders zijn recht om te dier zake ontbinding van het huwelijk te vorderen kunnen uitoefenen dan in een proces, waarin de curator de vrouw vertegenwoordigt. Beslissend is dus de vraag, of de curator tot zoodanige vertegenwoordiging de bevoegdheid heeft.
Deze vraag moet bevestigend worden beantwoord, daar hier niet kan geacht worden eene uitzondering op den algemeenen regel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.