FED 2021/7
Volledige herziening btw-aftrek op investeringsgoederen bij eerste ingebruikname is in lijn met Btw-richtlijn.
HvJ EU 17-09-2020, ECLI:EU:C:2020:731, m.nt. mr. A.M. de Wit (Stichting Schoonzicht)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
17 september 2020
- Magistraten
Mrs. Arabadjiev, Lenaerts, Xuereb, Von Danwitz, Kumin
- Zaaknummer
C-791/18
- Noot
mr. A.M. de Wit
- Roepnaam
Stichting Schoonzicht
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS249121:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Facturering en administratie
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2020:731, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 17‑09‑2020
ECLI:EU:C:2020:144, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 03‑03‑2020
- Wetingang
Art. 184 t/m 187 Btw-richtlijn; art. 15 lid 4 Wet OB 1968; art. 12 lid 2 en 3, art. 13 Uitvoeringsbeschikking OB 1968
Essentie
Volledige herziening btw-aftrek op investeringsgoederen bij eerste ingebruikname is in lijn met Btw-richtlijn.
Samenvatting
In geschil is of de herziening ineens op het moment van eerste ingebruikname in verband met een wijziging in het gebruik in overeenstemming is met de Btw-richtlijn. Het Hof van Justitie beslist dat de herziening op het moment van eerste ingebruikname onder de algemene herzieningsregels van artikel 184 en 185 van de Btw-richtlijn valt. Aangezien Nederland er op basis van artikel 187 van de Btw-richtlijn voor heeft gekozen om de herzieningsperiode in te laten gaan op het moment van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.