De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.1:17.1 Inleiding
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/17.1
17.1 Inleiding
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS367336:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit hoofdstuk gaat over de (onmiddellijke) voorziening tijdelijke overdracht van aandelen ten titel van beheer. Deze (onmiddellijke) voorziening behelst een overgang van een of meer aandelen aan een door de ondernemingskamer aangestelde beheerder. Deze beheerder wordt in dit onderzoek aangeduid als de “tijdelijke beheerder”. De aandeelhouder waarvan de aandelen overgaan naar de beheerder wordt in dit onderzoek aangeduid met “oorspronkelijke aandeelhouder”, of ook wel “getroffen aandeelhouder.” Als het gaat over zogeheten girale aandelen op naam of aan toonder, zal de term “girale aandelen” worden gebruikt. Aandelen aan toonder die niet giraal zijn, worden aangeduid met “toonderaandelen” en aandelen op naam die niet giraal zijn als “aandelen op naam”. Met de term “STAK” wordt gedoeld op een stichting administratiekantoor in het kader van certificering van aandelen.
De (onmiddellijke) voorziening tijdelijke overdracht van aandelen ten titel van beheer wordt relatief vaak ingezet door de ondernemingskamer en er is daarom relatief veel literatuur over beschikbaar.
Par. 17.2 bespreekt enkele technische aspecten van het toepassen van de desbetreffende (onmiddellijke) voorziening. Bijvoorbeeld: wat voor aandelen kunnen worden overgedragen, hoe specifiek de overgedragen aandelen moeten worden benoemd en of de tijdelijke beheerder zijn aanstelling moet aanvaarden. Par. 17.3 gaat over aard van de desbetreffende (onmiddellijke) voorziening. In dat kader komt onder meer aan de orde hoe tijdelijke overdracht van aandelen ten titel van beheer zich verhoudt tot dwangvertegenwoordiging en de redelijkheid en billijkheid.
Par. 17.4 en 17.5 hebben een vermogensrechtelijke inslag. Par. 17.4 bespreekt de vermogensrechtelijke gevolgen van de desbetreffende (onmiddellijke) voorziening en par. 17.5 bespreekt hoe de overdracht in zijn werk kan gaan. In par. 17.6 komen de (overige) (rechts)gevolgen van deze (onmiddellijke) voorziening ter sprake. Welke de rechten, plichten en bevoegdheden bewerkstelligt deze (onmiddellijke) voorziening voor de tijdelijke beheerder en wat zijn de rechten en plichten van de oorspronkelijke aandeelhouder?
Par. 17.7 ziet op de proportionaliteitsaspecten van de desbetreffende (onmiddellijke) voorziening. Tot slot behandelt par. 17.8 enkele toepassingsmogelijkheden. Het gaat daarbij om in de praktijk voorkomende toepassingen, maar ook om toepassingen die in theorie tot de mogelijkheden lijken te behoren maar nog niet zijn uitgetest in de praktijk. Kwesties die in dat kader aan de orde komen, zijn de aansprakelijkheid van de tijdelijke beheerder, de doorkruising van de (onmiddellijke) voorziening door executieverkoop van de aandelen, certificering van de in beheer gegeven aandelen, verkoop van de in beheer gegeven aandelen door de tijdelijke beheerder en het door de tijdelijke beheerder nemen van een besluit tot splitsing van de vennootschap. Die laatste twee kwesties zijn onder meer van belang voor de vraag of de enquêteprocedure tot een definitieve scheiding van aandeelhouders kan leiden.