AB 2020/283
Wanneer het college heeft geoordeeld dat er persoonlijke omstandigheden zijn die rechtvaardigen dat wordt afgezien van boeteoplegging, brengt dit voor de bestuursrechter niet noodzakelijkerwijs met zich mee dat er dringende redenen zouden zijn om tevens af te zien van terugvordering.
CRvB 28-04-2020, ECLI:NL:CRVB:2020:1064, m.nt. C.W.C.A. Bruggeman
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
28 april 2020
- Magistraten
Mr. W.F. Claessens
- Zaaknummer
19/4390 PW
- Noot
C.W.C.A. Bruggeman
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS212948:1
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid bijstand / Algemene bijstand
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2020:1064, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 28‑04‑2020
- Wetingang
Essentie
Wanneer het college heeft geoordeeld dat er persoonlijke omstandigheden zijn die rechtvaardigen dat wordt afgezien van boeteoplegging, brengt dit voor de bestuursrechter niet noodzakelijkerwijs met zich mee dat er dringende redenen zouden zijn om tevens af te zien van terugvordering.
Samenvatting
Dringende redenen als bedoeld in art 58 lid 8 Pw doen zich alleen voor als de terugvordering onaanvaardbare sociale en/of financiële gevolgen voor de betrokkene heeft. Het moet dan gaan om gevallen waarin iets bijzonders en uitzonderlijks aan de hand is. In die gevallen zal een individuele afweging van alle relevante omstandigheden moeten plaatsvinden. Degene ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.