Overeenkomst tot arbitrage
Einde inhoudsopgave
Overeenkomst tot arbitrage (BPP nr. 13) 2011/4.4.3.1:4.4.3.1 Inleiding
Overeenkomst tot arbitrage (BPP nr. 13) 2011/4.4.3.1
4.4.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. G.J. Meijer, datum 20-07-2011
- Datum
20-07-2011
- Auteur
Mr. G.J. Meijer
- JCDI
JCDI:ADS508449:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
W.H. HEEMSKERK, in: Een goede procesorde, blz. 233.
Vgl. Hof Arnhem 30 december 1981, NJ 1983, 187 betreffende een aan een deskundige opgedragen bindende vaststelling van de omvang van schade; vgl. ook Burg. Rv. (W.H. HEEMSKERK), Boek III, titel 1 (oud), aant. 3 met betrekking tot het zuiver bindend advies.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Partijen kunnen het scheidsgerecht ook de enkele bepaling van de hoogte van een schadevergoeding of van een verschuldigde geldsom opdragen (art. 1020 lid 4 (b) Rv). Ook thans spreekt de wet van de enkele bepaling en ook thans wordt gedoeld op de bepaling van de hoogte van een schadevergoeding of verschuldigde geldsom buiten geschil om. Indien slechts een overeenkomst bestaat als bedoeld in art. 1020 lid 4 (b) Rv en geen overeenkomst als bedoeld in art. 1020 lid 1 Rv (waarbij partijen geschillen aan arbitrage onderwerpen), dan kan de hoogte van een schadevergoeding of verschuldigde geldsom als zojuist bedoeld, ook als dienaangaande wel een geschil tussen partijen bestaat, ingevolge art. 1020 lid 4 (b) Rv in arbitrage worden bepaald. Het gaat erom dat art. 1020 lid 4 (b) Rv zich ook laat toepassen als tussen partijen geen geschil bestaat, en dat de toepassing van art. 1020 lid 4 (b) Rv niet is uitgesloten als tussen partijen wel een geschil bestaat. In het kader van de beslechting van een geschil is het scheidsgerecht, als gezegd, sowieso bevoegd tot bepaling van de hoogte van een schadevergoeding of van een verschuldigde geldsom (art. 1020 lid 1 Rv) (zie ook 4.4.1.1).
Art. 1020 lid 4 (b) Rv strekt tot een feitelijke vaststelling van de omvang van geleden schade of van een verschuldigde geldsom.1 Bij de bepaling van de hoogte van de schade of van een verschuldigde geldsom als bedoeld in art. 1020 lid 4 (b) Rv gaat het om de begroting van de schade sans préjudice voor de rechtsvraag "wie voor welke" schadeposten aansprakelijk is of voor de rechtsvraag of — en zo ja, door wie — de geldsom verschuldigd is 2