NJB 2025/2761
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hoge Raad: 1. Aansluitende zorgmachtiging. De verleende zorgmachtiging sluit niet aan op de eerdere machtiging. De rechtbank kon daarom niet een zorgmachtiging verlenen voor een langere duur dan zes maanden. 2. Taal die betrokkene voldoende beheerst. Er bestond ten minste aanleiding tot gerede twijfel over de vraag of het gesprek tussen de psychiater en betrokkene plaatsvond in een taal die betrokkene voldoende beheerst. Na terugwijzing zal alsnog moeten worden onderzocht of de psychiater en betrokkene in staat zijn geweest op zodanige wijze met elkaar te communiceren dat de psychiater een goed beeld van betrokkene kon krijgen.
HR 28-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1809
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 november 2025
- Magistraten
Mrs. H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons
- Zaaknummer
25/02474
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1809, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1037, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 26‑09‑2025
- Wetingang
Essentie
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hoge Raad: 1. Aansluitende zorgmachtiging. De verleende zorgmachtiging sluit niet aan op de eerdere machtiging. De rechtbank kon daarom niet een zorgmachtiging verlenen voor een langere duur dan zes maanden. 2. Taal die betrokkene voldoende beheerst. Er bestond ten minste aanleiding tot gerede twijfel over de vraag of het gesprek tussen de psychiater en betrokkene plaatsvond in een taal die betrokkene voldoende beheerst. Na terugwijzing zal alsnog moeten worden onderzocht of de psychiater en betrokkene in staat zijn geweest op zodanige wijze met elkaar te communiceren dat de psychiater een goed beeld van betrokkene ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.