V-N 2025/26.12
Motivering toepassing judiciële lus volgens A-G niet nodig
HR (Parket) 02-05-2025, ECLI:NL:PHR:2025:507, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
2 mei 2025
- Zaaknummer
24/03847
- Conclusie
A-G Koopman
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD13760:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1729, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑11‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:507, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 02‑05‑2025
- Wetingang
Essentie
Advocaat-generaal Koopman concludeert dat het hof, gelet op de omstandigheden in deze zaak, kan volstaan met de beslissing dat de judiciële lus wordt toegepast. Een nadere motivering van het gebruik van die bevoegdheid is niet nodig.
Samenvatting
X is het niet eens met de aan hem opgelegde IB-aanslagen. Zijn klachten zien met name op de box 3-heffing. Daarnaast zijn nog enkele formele punten in geschil, waaronder schending van de hoorplicht. Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat rechtsherstel aan X moet worden geboden omdat het in aanmerking genomen voordeel uit sparen en beleggen hoger is dan het werkelijk gerealiseerde rendement. De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.