Mededinging en verzekering
Einde inhoudsopgave
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/6.6:6.6 Coöperatieve joint venture
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/6.6
6.6 Coöperatieve joint venture
Documentgegevens:
mr. drs. G.T. Baak, datum 11-12-2019
- Datum
11-12-2019
- Auteur
mr. drs. G.T. Baak
- JCDI
JCDI:ADS183604:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Algemeen
Verzekeringsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vraag kan rijzen onder welke omstandigheden een pool gezien kan worden als een coöperatieve joint venture. Van een coöperatieve joint venture is sprake, als de totstandbrenging van de gemeenschappelijke onderneming de coördinatie beoogt of tot stand brengt van het concurrentiegedrag van ondernemingen die onafhankelijk blijven.1 De oprichting van een pool zou gezien kunnen worden als een dergelijke joint venture. Poolleden (de moederondernemingen) kunnen immers daadwerkelijk of potentieel concurrenten zijn op de markt waarop de joint venture actief is en zij blijven, ondanks deelname in een pool, onafhankelijk. Tegelijkertijd wordt een pool gebruikt om tegen gemeenschappelijke, vooraf vastgestelde, voorwaarden in poolverband risico’s te accepteren.
Voor de beoordeling van de coöperatieve aspecten van de joint ventures zal aansluiting worden gezocht bij de praktijk van de beoordeling van ‘volwaardige’ joint ventures2 aan de hand van art. 2, lid 4 en lid 5, van de EG-concentratieverordening:
4. Indien de oprichting van een gemeenschappelijke onderneming die een concentratie vormt in de zin van artikel 3, de coördinatie beoogt of tot stand brengt van het concurrentiegedrag van ondernemingen die onafhankelijk blijven, dan wordt die coördinatie beoordeeld overeenkomstig de criteria van artikel 81, leden 1 en 3, van het Verdrag, teneinde vast te stellen of de transactie al dan niet verenigbaar is met de gemeenschappelijke markt.
5. Bij die beoordeling houdt de commissie onder meer rekening met:
het significant en gelijktijdig actief blijven van twee of meer oprichtende ondernemingen op dezelfde markt als die van de gemeenschappelijke onderneming, of op een downstream- of upstreammarkt van laatstgenoemde markt, of op een nauw met die markt verbonden aangrenzende markt,
de mogelijkheid die aan de betrokken ondernemingen wordt gegeven om, via de coördinatie die het rechtstreekse gevolg is van de oprichting van de emeenschappelijke onderneming, de mededinging voor een wezenlijk deel van de betrokken producten en diensten uit te schakelen.
Het bovenstaande laat zien dat de vorming van een pool, wanneer deze voldoet aan de communautaire dimensie, als besproken in par. 2.5.1.1, aangemeld zou moeten worden bij de Europese Commissie. De beoordeling geschiedt dan aan de hand van artikel 101 lid 1 en 3 van het Werkingsverdrag, als eerder – uitvoerig – besproken in dit hoofdstuk. Daarbij is eveneens relevant de toets op de vraag of een pool niet resulteert in een machtspositie waardoor de mededinging voor een wezenlijk deel van de betrokken producten of diensten wordt uitgeschakeld, zie par. 6.5.