Einde inhoudsopgave
Speaking the same language (AN nr. 181) 2023/2.4.9.1.2
2.4.9.1.2 De benoeming van een trustee ter vervanging van een andere trustee of uitbreiding van een groep trustees
mr. K.R. Filesia, datum 25-09-2023
- Datum
25-09-2023
- Auteur
mr. K.R. Filesia
- JCDI
JCDI:ADS717506:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Section 36 van de Trustee Act 1925; J.A. McGhee & S. Elliott, Snell’s Equity, London: Sweet & Maxwell 2020, p. 772-778; L. Tucker, N. Le Poidevin & J. Brightwell, Lewin on Trusts, London: Sweet & Maxwell 2020, nrs. 15-001 t/m 15-046 en 15-080 t/m 15-102; G. Virgo, The Principles of Equity & Trusts, Oxford: Oxford University Press 2020, p. 371-375; R. Wilson, Halsbury’s Laws of England. Trusts and Powers (volume 98), London: LexisNexis 2019, nrs. 257, 264 t/m 269, 276, 284, 287 en 288; P.S. Davies & G. Virgo, Equity & Trusts. Text, Cases and Materials, Oxford: Oxford University Press 2019, p. 546-556; J. Glister & J. Lee, Hanbury & Martin. Modern Equity, London: Sweet & Maxwell 2021, p. 483-488; P. Matthews e.a., Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2022, p. 1021-1047; B. McFarlane & C. Mitchell, Hayton and Mitchell: Text, Cases and Materials on the Law of Trusts and Equitable Remedies, London: Sweet & Maxwell 2015, p. 311-320; G. Thomas & A. Hudson, The Law of Trusts, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 638-648. Zie ook: L. Tucker, N. Le Poidevin & J. Brightwell, Lewin on Trusts, London: Sweet & Maxwell 2020, nr. 16-001 e.v.;G. Thomas & A. Hudson, The Law of Trusts, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 650-653.
P.S. Davies & G. Virgo, Equity & Trusts. Text, Cases and Materials, Oxford: Oxford University Press 2019, p. 553 e.v.;
G. Virgo, The Principles of Equity & Trusts, Oxford: Oxford University Press 2020, p. 369; R. Wilson, Halsbury’s Laws of England. Trusts and Powers (volume 98), London: LexisNexis 2019, nrs. 244, 247 t/m 250; P. Matthews e.a., Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2022, p. 629-631.
Section 37 (1)(d) van de Trustee Act 1925.
Section 40 van de Trustee Act 1925; J.A. McGhee & S. Elliott, Snell’s Equity, London: Sweet & Maxwell 2020, p. 778-779; L. Tucker, N. Le Poidevin & J. Brightwell, Lewin on Trusts, London: Sweet & Maxwell 2020, nr. 17-001 e.v.; G. Virgo, The Principles of Equity & Trusts, Oxford: Oxford University Press 2020, p. 375; R. Wilson, Halsbury’s Laws of England. Trusts and Powers (volume 98), London: LexisNexis 2019, nrs. 305 t/m 309. 316 en 319 e.v.; J. Glister & J. Lee, Hanbury & Martin. Modern Equity, London: Sweet & Maxwell 2021, p. 488-491; P. Matthews e.a., Underhill & Hayton. The Law of Trusts and Trustees, London: Butterworths/LexisNexis 2022, p. 1048 e.v.; B. McFarlane & C. Mitchell, Hayton and Mitchell: Text, Cases and Materials on the Law of Trusts and Equitable Remedies, London: Sweet & Maxwell 2015, p. 320-321; G. Thomas & A. Hudson, The Law of Trusts, Oxford: Oxford University Press 2010, p. 654-660.
De wettelijke uitzonderingen ingevolge section 40 (4) van de Trustee Act 1925 zijn: de eigendomsoverdracht van onroerend goed waarop een hypotheekrecht is gevestigd tot zekerheid van een lening voor de trust, overeenkomsten met betrekking tot (rechten op) onroerend goed waarin een beschikkingsverbod is opgenomen en waarbij een overdracht slechts mogelijk is ingeval toestemming is verleend voorafgaand aan de betreffende overdracht of indien een aandelenoverdracht plaatsvindt. In dat soort gevallen dient het toevertrouwen plaats te vinden door middel van een overdracht van de trustgoederen aan de trustee (transfer in trust).
Trustees kunnen niet alleen bij de totstandkoming van de trust worden benoemd, doch ook gedurende het bestaan van de trust, hetzij ter vervanging van een andere trustee of ter uitbreiding van de groep der trustees.
De benoeming van nieuwe trustees gedurende het bestaan van de trust kan op vier wijzen geschieden, namelijk:
door een benoemingsbeding in de trustakte c.q. uiterste wil, de zogenoemde ‘power of appointment of new trustees’;
bij unaniem besluit van de beneficiaries, zolang zij allen wils- en handelingsbekwaam zijn;
krachtens een wettelijke bevoegdheid; of
door de rechter.1
De benoeming van de trustee in bovengenoemde gevallen geschiedt – behoudens de benoeming door de rechter – vrijwel altijd bij akte. Wanneer er een geschil is over de benoeming, dan wel niemand tot benoeming bevoegd is, heeft de rechter de bevoegdheid om de trustee te benoemen.2
Wil de beoogde trustee als trustee van de trust optreden, dan dient hij net als op het moment van de creatie, het trusteeschap te aanvaarden. Evenals bij de benoeming bij de totstandkoming van de trust, vindt de aanvaarding plaats wanneer de persoon – door bepaalde handelingen te verrichten – zich gedraagt als een trustee, of door de uitvoering van de akte van benoeming van de trustee.3
Voorts moeten de trustgoederen aan de nieuwe trustee – op het moment van de aanvaarding van zijn trusteeschap – worden toevertrouwd en dienen de goederen op zijn naam te worden ingeschreven, zodat hij na de aanvaarding, (mede)eigenaar wordt van het ‘trustfund’.4 In beginsel vindt het toevertrouwen plaats door middel van een overdracht van de trustgoederen aan de trustee. Echter, indien de benoeming van het trusteeschap door de uitvoering van een akte van benoeming van de trustee is gerealiseerd, gaat het ‘trustfund’ van rechtswege over op de nieuwe trustee, tenzij de akte anders bepaalt en behoudens enkele specifieke wettelijke uitzonderingen.5/6
Zodra de aanvaarding van het trusteeschap heeft plaatsgevonden en de trustgoederen zijn overgegaan, is de trustee, al dan niet tezamen met zijn co-trustees, belast met het beheer van de trust en dient hij zijn trustrechtelijke verplichtingen uit te oefenen.