Einde inhoudsopgave
Beheer van familievermogen door middel van certificering (AN nr. 185) 2024/5.3.4
5.3.4 Invloed vanuit de verhouding tussen de certificaathouders onderling
mr. A.M. Steegmans, datum 01-02-2024
- Datum
01-02-2024
- Auteur
mr. A.M. Steegmans
- JCDI
JCDI:ADS958039:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
In paragraaf 5.2.4 zijn de mogelijkheid en de reikwijdte van certificaathoudersovereenkomsten besproken.
Rechtbank Middelburg 9 juni 2009, ECLI:NL:RBMID:2009:BJ5175.
Rechtbank Oost-Brabant 29 juni 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:3486. Zie rondom hetzelfde geschil ook Gerechtshof Amsterdam 13 juli 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:2980.
Partijen bij deze certificaathoudersovereenkomst waren de BV waarvan de aandelen waren gecertificeerd, het administratiekantoor en de certificaathouders. Op de geldigheid van afspraken in certificaathoudersovereenkomsten die afwijken van bepalingen in de statuten of de administratievoorwaarden wordt op dit punt niet verder ingegaan.
In een certificaathoudersovereenkomst kunnen afspraken worden gemaakt die invloed hebben op het behoud van certificaten.1 Zo kunnen afspraken worden gemaakt die nadere invulling geven aan een blokkeringsregeling. Een voorbeeld hiervan is te vinden in de uitspraak van Rechtbank Middelburg van 9 juni 2009.2 In de statuten van de stak was een aanbiedingsregeling opgenomen. Ook was in de statuten opgenomen dat een deskundige moest worden ingeschakeld op het moment dat er geen overeenstemming over de prijs kon worden bereikt na de aanbieding. In de certificaathoudersovereenkomst was vervolgens afgesproken wie de deskundige was en op welke manier de door hem bepaalde prijs definitief vast zou staan.
In de uitspraak van Rechtbank Oost-Brabant van 29 juni 20163 werd in een certificaathoudersovereenkomst afgeweken van een blokkeringsregeling die in de administratievoorwaarden van een stak was opgenomen.4 Het betrof onder meer afspraken om de certificaten in beginsel niet binnen vijf jaar na het aangaan van de uitgifte van de certificaten over te dragen. Mocht een certificaathouder toch willen overdragen, dan was daar in de certificaathoudersovereenkomst een aparte aanbiedingsregeling voor opgenomen. En voor een overdracht na vijf jaar stond er een prijsbepalingsregeling in de certificaathoudersovereenkomst.
De twee uitspraken illustreren dat certificaathouders onderling door middel van het aangaan van een (certificaathouders)overeenkomst afspraken kunnen maken die invloed hebben op het behoud van het economisch belang bij het vermogen.