NJB 2018/2004:Arbeidsrecht. Oud recht. Baijingsleer. Uitzondering. Goed werkgeverschap. Redelijkheid en billijkheid. Een lopendebandmedewerker wordt in 2014 op staande voet ontslagen wegens het doorlaten van een doos met een gat. Hij vordert wedertewerkstelling. De werkgever verzoekt en verkrijgt voorwaardelijke ontbinding zonder ontslagvergoeding. Daarna blijkt in de procedure tot wedertewerkstelling in hoger beroep dat er in de doorgelaten doos geen gat zat. De werknemer vordert een verklaring voor recht dat het ontslag nietig is en een vergoeding. Hoge Raad: In een geval als dit kan alsnog op basis van de nieuw bekend geworden feiten worden beoordeeld of de werknemer op grond van de eisen van goed werkgeverschap of die van de redelijkheid en billijkheid aanspraak heeft op een (aanvullende) vergoeding. Dit wordt niet anders doordat de werknemer die beoordeling ook op andere wijze had kunnen verkrijgen