BR 2012/154
Binnenplanse ontheffing ten behoeve van fietstunnel leidt niet tot planologisch relevante wijziging van de bestemming; planregel is derhalve niet onverbindend.
RvS 02-07-2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX1011, m.nt. H.J. Breeman en R.J.G. Bäcker
- Instantie
Raad van State
- Datum
2 juli 2012
- Magistraten
Mr. Loeb
- Zaaknummer
201204374/1/A1
201204374/2/A1.
- Noot
H.J. Breeman en R.J.G. Bäcker
- LJN
BX1011
- JCDI
JCDI:ADS912491:1
- Vakgebied(en)
Bouwrecht (V)
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2012:BX1011, Uitspraak, Raad van State, 02‑07‑2012
- Wetingang
(WRO art. 15; Wro art. 3.6 lid 1 onder c)
Essentie
Binnenplanse ontheffing ten behoeve van fietstunnel leidt niet tot planologisch relevante wijziging van de bestemming; planregel is derhalve niet onverbindend.
Samenvatting
Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen is voor het buiten toepassing laten van een vrijstellingsbevoegdheid, wegens strijd met art. 15 lid 1 aanhef en onder a Wet op de Ruimtelijke Ordening (hierna: WRO) slechts plaats, indien die toepassing een wijziging van het gebruik mogelijk maakt die tot een planologisch relevante wijziging van de bestemming leidt, dan wel indien die bevoegdheid in een vrijstellingsmogelijkheid zonder beperking voorziet. Nu wat de toepassingsmogelijkheden van de ontheffing, voorzien in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.