Einde inhoudsopgave
Schadevergoeding bij de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens (O&R nr. 126) 2021/I.2
I.2 Vorm en opbouw
mr. T.F. Walree, datum 01-02-2021
- Datum
01-02-2021
- Auteur
mr. T.F. Walree
- JCDI
JCDI:ADS267338:1
- Vakgebied(en)
Privacy / Verwerking persoonsgegevens
Voetnoten
Voetnoten
Bij uitzondering heb ik een minder gelukkige formulering aangepast, zonder - zoals gezegd - een inhoudelijke verandering te beogen.
Deze Inleiding kent geen hoofdstuknummering.
Besluit van 20 november 2019 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie en het besluit register collectieve acties, Staatsblad 2019, p. 447. Zie ook Kamerstukken II 2016/2017, 34608, nr. 3.
Zie paragraaf 3 voor de verantwoording van ieders bijdrage aan dit artikel.
M. Persson, ‘Trump-campagne gebruikte gegevens 50 miljoen Facebookgebruikers om stemgedrag te beïnvloeden’, De Volkskrant 18 maart 2018; C. Cadwalladr & E. Graham-Harrison, ‘Revealed: 50 million Facebook profiles harvested for Cambridge Analytica in major data breach’, The Guardian 17 maart 2018.
Zie paragraaf 3 voor de verantwoording van ieders bijdragen aan dit artikel.
Ten aanzien van het onderzoeksthema streef ik niet naar volledigheid. Ik heb me op een aantal specifieke onderwerpen toegelegd. Zij hebben allen betrekking op het thema schadevergoeding wegens de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens. De deelonderwerpen zijn uitgewerkt in zes tijdschriftartikelen.
De ontwikkeling van het recht op schadevergoeding voor een schending van het gegevensbeschermingsrecht is door de invoering van de AVG in een stroomversnelling gekomen. Door het proefschrift te baseren op artikelen was ik in staat direct te reageren op nieuwe ontwikkelingen en deel te nemen aan het wetenschappelijke debat en invloed uit te oefenen op de menings- en oordeelsvorming in de rechtspraktijk.
De zes artikelen zijn gepubliceerd in Nederlandse juridische tijdschriften. Zij zijn opgenomen in dit boek. Inhoudelijk zijn de hoofdstukken niet bewerkt. Onvolkomenheden zijn dus ongewijzigd opgenomen. Ontdekte taal- en spelfouten en onvolledige of onjuiste bronvermeldingen zijn wel verbeterd.1 Anders dan in de gepubliceerde artikelen maak ik in dit boek doorlopend gebruik van ‘verkorte verwijzingen’ naar tijdschriften, boeken en rapporten. De volledige bronvermeldingen staan in de literatuurlijst achterin dit boek.
De nummering van de hoofdstukken is gelijk aan de chronologie van het verschijnen van de gepubliceerde artikelen:2
In hoofdstuk 1 geef ik een inleiding van de problemen die spelen bij de uitoefening van het recht op schadevergoeding door de betrokkene. Een deel daarvan wordt in de andere hoofdstukken verder uitgewerkt.In dit hoofdstuk ligt het zwaartepunt op de vergoedbare schade bij een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens. Hierin bespreek ik de feitelijke en juridisch relevante schade aan de hand van drie schendingen van het gegevensbeschermingsrecht. In dit hoofdstuk ga ik ook in op de noodzaak van civiele handhaving en behandel ik de mogelijkheid van een contextafhankelijke interpretatie van de vergoedbare schade bij een onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens.
In hoofdstuk 2 bespreken Van der Linden en ik de mogelijkheden voor het verkrijgen van een schadevergoeding via de collectieve procedures van artikel 3:305a BW (oud), de Wet collectieve afwikkeling massaschade en de Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie.3 Ook onderzoeken wij of een bundeling van krachten door middel van een collectieve procedure de obstakels voor het verkrijgen van een schadevergoeding na een datalek wegneemt of verkleint voor de individuele betrokkene.4
In hoofdstuk 3 onderzoek ik of de Nederlandse Facebookgebruiker een vergoeding kan claimen in het ‘Cambridge Analytica’-schandaal5, en zo ja, wat de mogelijke hoogte van zo een schadevergoeding kan zijn. Ik betrek daarbij drie mogelijke methoden voor het begroten van de schade.
In hoofdstuk 4 ga ik in op de ‘eigen schuld’ van een betrokkene. Als een betrokkene nalatig is of onzorgvuldig handelt, kan hij medeverantwoordelijk zijn voor de nadelige gevolgen bij een onrechtmatige verwerking van zijn persoonsgegevens. Deze bijdrage gaat in op de vraag in hoeverre een gedraging van de betrokkene kan leiden tot de toepassing van het leerstuk eigen schuld ex artikel 6:101 BW, en zodoende kan leiden tot een vermindering van de schadevergoedingsplicht van de aansprakelijke verwerkingsverantwoordelijke.
In hoofdstuk 5 onderzoeken Wolters en ik of de concurrent van een verwerkingsverantwoordelijke ook een beroep kan doen op het recht op schadevergoeding van artikel 82 AVG.6
Hoofdstuk 6 gaat wederom in op de problematiek van schade. Dit gebeurt naar aanleiding van nieuwe binnen- en buitenlandse rechtspraak ten aanzien van de vergoedbare schade bij een inbreuk op de AVG.
In hoofdstuk 7 geef ik aan de hand van de bevindingen in de voorafgaande hoofdstukken een conclusie. Vervolgens geef ik enkele aanbevelingen aan de rechter en Uniewetgever. Dit hoofdstuk is niet gepubliceerd en staat uitsluitend als slotbeschouwing in dit boek.