Belastingadvies 2025/10.2
Geen uiteindelijk gerechtigde door antidividendstrippingmaatregel, dividendbelasting niet verrekenbaar
Hof Amsterdam 20-03-2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:811
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
20 maart 2025
- Zaaknummer
23/739-742, 748 en 749
- JCDI
JCDI:BSD14076:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Dividendbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2025:811, Uitspraak, Hof Amsterdam, 20‑03‑2025
- Wetingang
Art. 25 lid 2, Wet VPB 1969
Essentie
Het hof oordeelt dat belanghebbende (een besloten vennootschap) de dividendbelasting, die is ingehouden op de aandelen die aan haar zijn toegedeeld, niet als teruggaaf of te verrekenen voorheffing in aanmerking kan nemen. De inspecteur maakt aannemelijk dat aan alle voorwaarden voor toepassing van de antidividendstrippingmaatregel is voldaan.
Samenvatting
Belanghebbende behoort tot een buitenlands concern dat in financiële instrumenten handelt. Naar aanleiding van een onderzoek naar dividendstripping legt de inspecteur (navorderings-)aanslagen vennootschapsbelasting op over diverse jaren. Volgens de inspecteur is belanghebbende namelijk niet de uiteindelijk gerechtigde van de op de aandelen uitgekeerde dividenden, zodat verrekening van de dividendbelasting niet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.