NJB 2018/427
Besluit tot het doden van als verdacht van mond- en klauwzeer aangemerkte dieren. Heeft verweerder in het licht van de gegevens uit de onderzoeksdossiers van het laboratorium en de reacties van appellanten daarop, op goede gronden geconcludeerd dat de betwiste vaststelling van het laboratorium juist was? Benoeming deskundigen in de zin van art. 8:47 lid 1 Awb
CBb 01-02-2018, ECLI:NL:CBB:2018:9
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
1 februari 2018
- Magistraten
Mrs. Winter, Van der Beek, Waterbolk
- Zaaknummer
12/858, 12/859, 12/860, 15/322, 15/329
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Dierenrecht / Dierenwelzijn
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2018:691, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 12‑06‑2018
ECLI:NL:CBB:2018:9, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 01‑02‑2018
- Wetingang
(art. 8:47 Awb)
Essentie
Besluit tot het doden van als verdacht van mond- en klauwzeer aangemerkte dieren. Heeft verweerder in het licht van de gegevens uit de onderzoeksdossiers van het laboratorium en de reacties van appellanten daarop, op goede gronden geconcludeerd dat de betwiste vaststelling van het laboratorium juist was? Benoeming deskundigen in de zin van art. 8:47 lid 1 Awb
Uitspraak
Medio maart 2001 is in Nederland mond- en klauwzeer (hierna: mkz) uitgebroken. Appellanten oefenden destijds ieder afzonderlijk een veehouderij uit, waar evenhoevige dieren werden gehouden. De bedrijven van appellanten waren gelegen op een afstand van minder dan twee kilometer van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.