NJ 2024/178
Beklag over beslag ex artikel 94 Sv op riem met Hells Angels-gesp nadat onherroepelijk uitspraak is gedaan in de strafzaak, waarin geen beslissing is genomen op het beslag op de riem. Het oordeel van het hof dat het beslag op de riem moet worden gehandhaafd getuigt van een onjuiste rechtsopvatting.
HR 14-05-2024, ECLI:NL:HR:2024:691
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 mei 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/04450 B
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS963544:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:691, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑05‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:312, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑03‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑12‑2022
- Wetingang
Essentie
Beklag over beslag ex artikel 94 Sv op riem met Hells Angels-gesp. Tijdens de strafzaak — die al is uitgemond in een onherroepelijke veroordeling — is geen beslissing genomen op het beslag op de riem, omdat de riem niet op de beslaglijst stond en geen van de procespartijen deze ter sprake heeft gebracht. Andere Hells Angels (kleding)goederen zijn in het arrest in de strafzaak verbeurd verklaard. Het hof acht het beklag ongegrond, omdat er geen reden is om aan te nemen dat met betrekking tot de Hells Angels-riem, als deze ook op de beslaglijst was vermeld, anders ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.