FED 2015/34
De 30%-regeling is niet in strijd met EU-recht, tenzij deze systematisch tot een duidelijke overcompensatie leidt
HvJ EU 24-02-2015, ECLI:EU:C:2015:108, m.nt. mw. mr. I.M. de Groot (C.G. Sopora/Staatssecretaris van Financiën)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
24 februari 2015
- Magistraten
V. Skouris, K. Lenaerts, A. Tizzano, L. Bay Larsen, T. von Danwitz, A. Rosas, A. Arabadjiev, C. Toader, M. Safjan, D. Šváby, M. Berger, A. Prechal, C. G. Fernlund
- Zaaknummer
C-512/13
- Conclusie
A-G Kokott
- Noot
mw. mr. I.M. de Groot
- Roepnaam
C.G. Sopora/Staatssecretaris van Financiën
- JCDI
JCDI:ADS273783:1
- Vakgebied(en)
EU-recht (V)
Europees belastingrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2015:108, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 24‑02‑2015
ECLI:EU:C:2014:2375, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie, 13‑11‑2014
- Wetingang
Art. 31a Wet LB 1964
Essentie
De 30%-regeling is niet in strijd met EU-recht, tenzij deze systematisch tot een duidelijke overcompensatie leidt
Uitspraak
Arrest
1.
Het verzoek om een prejudiciële beslissing betreft de uitlegging van de regels inzake het vrije verkeer van werknemers binnen de Europese Unie.
2.
Dit verzoek is ingediend in het kader van een geding tussen C. G. Sopora en de Staatssecretaris van Financiën, over de afwijzing van het verzoek van de belanghebbende tot verkrijging van de forfaitaire belastingvrijstelling van een vergoeding in verband met de dienstbetrekking die hij uitoefent in Nederland.
Toepasselijke bepalingen
3.
Volgens artikel 31, lid 1, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.