Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen
Einde inhoudsopgave
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/4.2.1.4.7:4.2.1.4.7 Verenigingen en stichtingen die op de voet van de Woningwet bij Koninklijk besluit zijn toegelaten als instellingen die in het belang van de volkshuisvesting werkzaam zijn
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/4.2.1.4.7
4.2.1.4.7 Verenigingen en stichtingen die op de voet van de Woningwet bij Koninklijk besluit zijn toegelaten als instellingen die in het belang van de volkshuisvesting werkzaam zijn
Documentgegevens:
dr. F.J. Elsweier, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
dr. F.J. Elsweier
- JCDI
JCDI:ADS399474:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Voor een uiteenzetting verwijs ik naar J.A.G. van der Geld, Hoofdzaken vennootschapsbelasting, FED fiscale studieseries nr. 31, Kluwer, 11e druk, paragraaf 4.2.1.4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals nog zal blijken, zijn verenigingen en stichtingen alleen subjectief vennootschapsbelastingplichtig indien en voor zover zij een onderneming drijven. Woningbouwlichamen, zijnde verenigingen en stichtingen die op de voet van de Woningwet bij Koninklijk besluit zijn toegelaten als instellingen die in het belang van de volkshuisvesting werkzaam zijn, zijn echter per 1 januari 2008 volledig subjectief vennootschapsbelasting gemaakt. In mijn onderzoek zal ik verder niet nader ingaan op de fiscale behandeling van woningbouwlichamen.1