NJF 2022/158
Verbintenissenrecht. Gedaagde meent vanwege zinsnede ‘of course all above is without prejudice’ terug te kunnen komen op gemaakte afspraken in een vaststellingsovereenkomst. De aard van de vaststellingsovereenkomst verzet zich daartegen.
Rb. Rotterdam 22-12-2021, ECLI:NL:RBROT:2021:13243
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
22 december 2021
- Magistraten
Mr. P.C. Santema
- Zaaknummer
C/10/582946 / HA ZA 19-908
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBROT:2021:13243, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 22‑12‑2021
- Wetingang
Art. 7:900 BW
Essentie
Verbintenissenrecht. Gedaagde meent vanwege zinsnede ‘of course all above is without prejudice’ terug te kunnen komen op gemaakte afspraken in een vaststellingsovereenkomst. De aard van de vaststellingsovereenkomst verzet zich daartegen.
Samenvatting
Redactie: Deze zaak gaat over de uitleg van een vaststellingsovereenkomst. Gezien de aard daarvan, zal niet snel kunnen worden aangenomen dat partijen de bedoeling hadden om de mogelijkheid om daarop terug te komen, open te laten.
In deze zaak meent gedaagde op grond van de in de vaststellingsovereenkomst opgenomen zinsnede ‘of course all above is without prejudice’ dat de schikking met eiseres ‘onder voorbehoud van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.