V-N 2021/48.22.5
Zonder BPM-voldoening geen bezwaar mogelijk
HR 15-10-2021, ECLI:NL:HR:2021:1543
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 oktober 2021
- Zaaknummer
21/00300
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Inbreuk op het gemeenschapsrecht
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1543, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑10‑2021
- Wetingang
art. 10 Wet BPM 1992
Essentie
Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt in hoger beroep dat de inspecteur aannemelijk maakt dat geen voldoening op aangifte heeft plaatsgevonden, zodat het bezwaar van X bv terecht kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).
Samenvatting
X bv doet BPM-aangifte voor een BMW X3 3.0d en berekent de verschuldigde BPM op € 886. Bij de behandeling van de aangifte wordt geconstateerd dat de auto eerder geëxporteerd is geweest en dat geen BPM is verschuldigd. In geschil is of het bezwaar terecht kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.