M en R 2015/136
Omgevingsvergunning milieu en het inrichtingenbegrip: bevoegd gezag moet op grondslag van de aanvraag beslissen (ook als aanvrager uitgaat van verkeerd inrichtingenbegrip), maar…
RvS 10-06-2015, ECLI:NL:RVS:2015:1817, m.nt. B. Arentz
- Instantie
Raad van State
- Datum
10 juni 2015
- Magistraten
Wortmann, Sorgdrager, Sevenster
- Zaaknummer
201406636/1/A4
- Noot
B. Arentz
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS922015:1
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2015:1817, Uitspraak, Raad van State, 10‑06‑2015
- Wetingang
(art. 1.1 lid 1 Wm; art. 2.1 lid 1 onder e Wabo)
Essentie
Omgevingsvergunning milieu en het inrichtingenbegrip: bevoegd gezag moet op grondslag van de aanvraag beslissen (ook als aanvrager uitgaat van verkeerd inrichtingenbegrip), maar…
Samenvatting
Uit de aanvraag om vergunning blijkt – en dit is ter zitting door [vergunninghouder] en het college bevestigd – dat expliciet is beoogd géén vergunning te vragen voor het uitbreiden van de inrichting met een nieuwe uitrit naar de Steekterweg. In de aanvraag wordt ervan uitgegaan dat de inrichting wordt ontsloten via een openbare weg.
Zoals de Afdeling onder meer in haar door partijen aangehaalde uitspraak van 25 september 2013 in zaak nr. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.