NJB 2019/2195
De exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad om bestemmingsplannen vast te stellen brengt mee dat een derde er niet op mag vertrouwen dat handelingen van het college van burgemeester en wethouders de raad binden, indien het gewekte vertrouwen niet mede wordt ontleend aan uitlatingen van de gemeenteraad zelf
RvS 28-08-2019, ECLI:NL:RVS:2019:2949
- Instantie
Raad van State
- Datum
28 augustus 2019
- Magistraten
Mrs. Uylenburg, Van Ravels en Knol
- Zaaknummer
201710309/1/R3
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Staatsrecht / Decentralisatie
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Bestuursrecht algemeen / Voorbereiding
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2019:2949, Uitspraak, Raad van State, 28‑08‑2019
- Wetingang
(art. 3.1 Wet ruimtelijke ordening)
Essentie
De exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad om bestemmingsplannen vast te stellen brengt mee dat een derde er niet op mag vertrouwen dat handelingen van het college van burgemeester en wethouders de raad binden, indien het gewekte vertrouwen niet mede wordt ontleend aan uitlatingen van de gemeenteraad zelf
Partij(en)
Uitspraak in het geding tussen: 1. [appellant sub 1], wonend te Hoogmade, gemeente Kaag en Braassem, 2. [appellant sub 2], wonend te Hoogmade, gemeente Kaag en Braassem, 3. [appellant sub 3], wonend te Hoogmade, gemeente Kaag en Braassem, 4. [appellant sub 4] en partner, wonend te 's-Gravenhage, 5. [appellant sub 5A] en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.