NJB 2022/883
Beslagbeklag, art. 552a Sv: op grond van art. 94a leden 1 en 2 Sv is voor het leggen van de in die bepalingen bedoelde conservatoire beslagen vereist dat sprake is van een verdenking van of veroordeling wegens een misdrijf waarvoor ‘een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd’. Aan deze toepassingsvoorwaarde kan worden voldaan door eventuele strafverhogende omstandigheden in aanmerking te nemen.
HR 05-04-2022, ECLI:NL:HR:2022:507
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
5 april 2022
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, M.J. Borgers, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
19/04028 B
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:507, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 05‑04‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:319, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 15‑02‑2022
- Wetingang
Essentie
Beslagbeklag, art. 552a Sv: op grond van art. 94a leden 1 en 2 Sv is voor het leggen van de in die bepalingen bedoelde conservatoire beslagen vereist dat sprake is van een verdenking van of veroordeling wegens een misdrijf waarvoor ‘een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd’. Aan deze toepassingsvoorwaarde kan worden voldaan door eventuele strafverhogende omstandigheden in aanmerking te nemen.
Uitspraak
Inleiding
Onder klaagsters [klaagster 3], [klaagster 5] en [betrokkene 2], alsmede onder [A] is beslag gelegd op grond van art. 94a Sv krachtens de door de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.