NJFS 2017/2
Mensenhandel; ‘uitbuiting’ niet inlezen in art. 273f onder 5 en 8 Sr als die ander minderjarig is.
Hof Amsterdam 19-09-2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3766
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
19 september 2016
- Magistraten
Mrs. P.A.M. Hoek, M. Lolkema, G.M. Boekhoudt
- Zaaknummer
23-001907-15
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2016:3766, Uitspraak, Hof Amsterdam, 19‑09‑2016
- Wetingang
Art. 273f Sr
Essentie
Mensenhandel. Mensenhandel ten aanzien van minderjarigen. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat het brengen van een minderjarige in de prostitutie of het profiteren van de opbrengst van prostitutiewerkzaamheden door een minderjarige wordt aangemerkt als een aan mensenhandel gerelateerde vorm van uitbuiting. Dit betekent dat het begrip ‘uitbuiting’ niet als bestanddeel in art. 273f lid 1 onder 5 en 8 Sr moet worden ingelezen en afzonderlijk moet worden bewezen, als die ander minderjarig is.
Partij(en)
Arrest van het Gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Amsterdam in de strafzaak tegen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.