Verhuiszaken
Einde inhoudsopgave
Verhuiszaken (R&P nr. PFR11) 2025/7.4.2:7.4.2 Ordemaatregelen in verhuiszaken
Verhuiszaken (R&P nr. PFR11) 2025/7.4.2
7.4.2 Ordemaatregelen in verhuiszaken
Documentgegevens:
L.M. Coenraad, datum 10-03-2025
- Datum
10-03-2025
- Auteur
L.M. Coenraad
- JCDI
JCDI:BSD10998:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals hiervoor in paragraaf 2.7 al bleek, is de voorlopige voorziening in de zin van art. 223 Rv gelijk aan de onmiddellijke voorziening in kort geding van art. 254 lid 1 Rv. Het gaat daarbij om een ordemaatregel die doorgaans zal bestaan uit een veroordeling, een gebod of bevel, een verbod of een schorsing.1 De voorzieningenrechter mag geen declaratoire beslissingen geven.2 Dit zijn beslissingen waarbij een bestaande rechtstoestand of rechtsverhouding wordt vastgesteld, zoals een verklaring voor recht dat een ouder mag verhuizen.3 Een dergelijke verhuisbeslissing kan dus niet als ordemaatregel gelden. Ook de meeste constitutieve beslissingen lenen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.