Deze zaak hangt samen met de zaak met griffienummer 11/00699 ([medeverdachte]) waarin ik heden eveneens concludeer.
HR, 22-01-2013, nr. S 11/00704
ECLI:NL:HR:2013:BY7888
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22-01-2013
- Zaaknummer
S 11/00704
- Conclusie
Mr. Hofstee
- LJN
BY7888
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2013:BY7888, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 22‑01‑2013; (Cassatie)
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:BY7888
ECLI:NL:PHR:2013:BY7888, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 20‑11‑2012
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2013:BY7888
- Vindplaatsen
SR-Updates.nl 2013-0027
Uitspraak 22‑01‑2013
Inhoudsindicatie
Strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie.
22 januari 2013
Strafkamer
nr. S 11/00704
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 2 februari 2011, nummer 21/000559-10, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J.J.D. van Doleweerd, advocaat te Amersfoort, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest wat betreft de hoogte van de opgelegde straf, en tot vermindering daarvan naar de gebruikelijke maatstaf.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel behelst de klacht dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM in de cassatiefase is overschreden omdat de stukken te laat door het Hof zijn ingezonden.
2.2. Het middel is gegrond. Dit moet leiden tot vermindering van de aan de verdachte opgelegde taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis.
3. Slotsom
Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft het aantal uren te verrichten taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis;
vermindert het aantal uren taakstraf in die zin dat dit 95 uren bedraagt;
vermindert de duur van de vervangende hechtenis in die zin dat deze 47 dagen beloopt;
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 22 januari 2013.
Conclusie 20‑11‑2012
Mr. Hofstee
Partij(en)
Nr. 11/00704
Mr. Hofstee
Zitting: 20 november 2012
Conclusie inzake:
[Verdachte]1.
1.
Verzoeker is bij arrest van 2 februari 2011 door het Gerechtshof te Arnhem wegens "openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen" veroordeeld tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van honderd uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door vijftig dagen hechtenis. Voorts heeft het Hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en daarbij aan verzoeker een schadevergoedingsmaatregel opgelegd, een en ander zoals in het arrest vermeld.
2.
Namens verzoeker heeft mr. J.J.D. van Doleweerd, advocaat te Amersfoort, één middel van cassatie voorgesteld.
3.
Het middel klaagt dat de redelijke inzendtermijn in de cassatiefase is overschreden.
4.
Het cassatieberoep is ingesteld op 11 februari 2011. Blijkens een op de aanbiedingsbrief van de processtukken geplaatst stempel zijn de stukken van het geding eerst op 21 december 2011 ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. Dit brengt mee dat de inzendtermijn van acht maanden met twee maanden en tien dagen is overschreden. Het middel is terecht voorgesteld. Reparatie van deze schending door een voortvarende behandeling behoort niet meer tot de mogelijkheden. Dit zal ertoe dienen te leiden dat de opgelegde taakstraf van honderd uren, subsidiair vijftig dagen vervangende hechtenis, door de Hoge Raad wordt verminderd.2.
5.
Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen, heb ik niet aangetroffen.
6.
Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor wat betreft de hoogte van de opgelegde straf en tot vermindering daarvan naar de gebruikelijke maatstaf.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
Voetnoten Conclusie 20‑11‑2012
Zie HR 17 juni 2008, LJN BD2578, NJ 2008/358, m.nt. P.A.M. Mevis.