Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/3.4:3.4 Literatuur huidig recht (kort overzicht)
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/3.4
3.4 Literatuur huidig recht (kort overzicht)
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS482373:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
a. Pitlo/Reehuis/Heisterkamp 2006
Pitlo/Reehuis/Heisterkampmerkt op:
‘De figuur van mandeligheid sluit nauw aan bij het burenrecht. In het oude BW waren de bepalingen over mandeligheid zelfs tussen de burenrechtelijke bepalingen geplaatst. In de huidige wet zijn de onderdelen echter terecht gesplitst. Het burenrecht heeft betrekking opwederzijdse rechten en verplichtingen, terwijl mandeligheid een regeling geeft van een bijzondere vorm van gemeenschap. Het betreft hier een regeling met een veel zakenrechtelijker inslag dan het burenrecht.’1
b. G.J. Scholten
‘De verplichtingen uit het burenrecht geven geen persoonlijk vorderingsrecht: zij bepalen de inhoud van de eigendom nader.’2
Elders merkt Scholten op:
‘Zakelijke rechten kunnen in bepaalde omstandigheden verbintenissen van of tegenover de zakelijk gerechtigde meebrengen.’
Hij vervolgt dan even later met:
‘Naburige eigenaren zijn verplicht desgewenst afpalingstekens te stellen of te hernieuwen en in aaneen gebouwde gedeelten van een gemeente een scheidsmuur op te richten, waarvan zij de kosten samen moeten dragen.’3
De uitleg die Van Acht aan deze passages geeft bevredigt. Hij stelt dat door Scholten waarschijnlijk wordt bedoeld dat de bevoegdheid om afpaling en/of afscheiding te vorderen behoort tot het eigendomsrecht. Nadat vervolgens de vordering in rechte is toegewezen ontstaat een verbintenis.4