Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/14.3.3.3:14.3.3.3 De kapitalisatie van de vaste inrichting
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/14.3.3.3
14.3.3.3 De kapitalisatie van de vaste inrichting
Documentgegevens:
mr. J. Vleggeert, datum 01-11-2008
- Datum
01-11-2008
- Auteur
mr. J. Vleggeert
- JCDI
JCDI:ADS305597:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf gaat het om de dubbele heffing die kan optreden omdat twee lidstaten verschillende eisen stellen aan de kapitalisatie van een vaste inrichting. Welke eisen stelt de zelfstandigheidsfictie van art. 4, lid 2, Arbitrageverdrag aan de verhouding tussen het eigen en het vreemd vermogen van een branch? Ook hier geldt naar mijn mening dat de vijftien oude lidstaten van de EU de zelfstandigheidsfictie van art. 7 OESO-modelverdrag hebben willen incorporeren in het Arbitrageverdrag. De conclusies die ten aanzien van de kapitalisatie van een vaste inrichting voor het OESO-modelverdrag zijn getrokken, gelden daarom evenzeer voor het arbitrageverdrag.