TPWS 2019/109
Ondervragingsrecht verbalisanten, art. 6.3.d EVRM. Vindt betrokkenheid verdachte in voldoende mate steun in andere bewijsmiddelen?
HR 02-07-2019, ECLI:NL:HR:2019:1058
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
2 juli 2019
- Zaaknummer
17/02140
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Politierecht (V)
Materieel strafrecht (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:1058, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 02‑07‑2019
ECLI:NL:PHR:2019:721, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑03‑2019
Beroepschrift, Hoge Raad, 05‑02‑2018
Essentie
Ondervragingsrecht verbalisanten, art. 6.3.d EVRM. Vindt betrokkenheid verdachte in voldoende mate steun in andere bewijsmiddelen?
Uitspraak
Aantekening redactie
De verdachte is door het Hof veroordeeld wegens ‘opzettelijk een handeling, door een ambtenaar belast met of bevoegd verklaard tot het opsporen of onderzoeken van strafbare feiten ondernomen ter uitvoering van een wettelijk voorschrift, belemmeren’ (184 Sr, niet voldoen aan ambtelijk bevel). Hij zou agenten hebben gehinderd bij het aanhouden van zijn vriend voor openbare dronkenschap op station Den Haag HS door ervoor te gaan staan en proberen de dronken vriend weg te trekken bij de agenten. De ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.