FED 2025/97
Territoriale beperking artikel 11 Btw-richtlijn niet ongerechtvaardigd in strijd met het primaire unierecht.
HR 20-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1883, m.nt. prof. dr. S.B. Cornielje
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 december 2024
- Magistraten
Mrs. van Hilten, Punt, Fierstra, Faase, Cools
- Zaaknummer
21/02456
- Noot
prof. dr. S.B. Cornielje
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD33669:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Europese verdragsvrijheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1883, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑12‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 20‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2023:700, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 28‑07‑2023
- Wetingang
Essentie
Territoriale beperking artikel 11 Btw-richtlijn niet ongerechtvaardigd in strijd met het primaire unierecht.
Samenvatting
Deze uitspraak betreft de territoriale beperking van de btw-fiscale eenheid (art. 7 lid 4 Wet OB en art. 11 Btw‑richtlijn). Een Nederlandse fiscale eenheid in de verzekerings- en financiële sector betoogt dat zij geen Nederlandse btw verschuldigd is over diensten van Duitse concernvennootschappen, omdat de territoriale beperking in strijd zou zijn met de vrijheid van vestiging en/of diensten.
De Hoge Raad stelt voorop dat de btw‑groep op Unierecht berust en per definitie territoriaal is beperkt tot het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.