BNB 2021/24
Aftrek voorbelasting onderkomens buitenlandse uitzendkrachten
HR 13-11-2020, ECLI:NL:HR:2020:1777, m.nt. C. J. Hummel
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 november 2020
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Punt, Van Loon, Van Kalmthout, Faase
- Zaaknummer
18/04901
- Noot
C. J. Hummel
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS250132:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:1777, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑11‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 13‑11‑2020
- Wetingang
Art. 16 lid 1 Wet OB 1968; art. 1 lid 1 onderdeel c BUA 1968
Essentie
Aftrek voorbelasting onderkomens buitenlandse uitzendkrachten
Samenvatting
Belanghebbende exploiteert een uitzendbureau voor buitenlandse arbeidskrachten, die hiertoe tijdelijk in Nederland verblijven. Voor deze buitenlandse uitzendkrachten regelt en betaalt zij een onderkomen dicht bij de werkplaats. De uitzendkrachten betalen daarvoor geen vergoeding. In de uitzendovereenkomst is vastgelegd dat de uitzendkrachten slechts het recht hebben, en verplicht zijn van deze onderkomens gebruik te maken, zolang de overeenkomst van kracht is. In geschil is of de voorbelasting die de aanbieders van de onderkomens aan belanghebbende in rekening hebben gebracht aftrekbaar is.
Het Hof heeft geoordeeld dat aftrek van voorbelasting is uitgesloten omdat sprake ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.