25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/29.5:29.5 Slot
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/29.5
29.5 Slot
Documentgegevens:
mr. dr. C.L.G.F.H. Albers, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. dr. C.L.G.F.H. Albers
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ofschoon ik mij altijd behoorlijk kritisch heb getoond wat betreft de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes en hoewel er vanuit rechtsbeschermingsoogpunt echt nog wel wat haken en ogen aan de bestuurlijke boeteregeling uit de Awb kleven lijkt een genuanceerd oordeel over de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes op zijn plaats. In vergelijking tot bepaalde andere wijzen van buitengerechtelijke afdoening is de Awb-boeteprocedure zo slecht nog niet, van ‘primitief strafrecht’ kan mijns inziens niet gesproken worden. De rechtsbescherming in het kader van de WAHV lijkt in elk geval slechtere papieren te hebben. Daar komt bij dat de bestuursrechter in bestuurlijke boetezaken zijn positie als bestuursstrafrechter serieus lijkt te nemen en in dat opzicht ook steeds meer oog heeft voor de bijzondere eisen die aan een procedure tot oplegging van een bestuurlijke boete (of andere bestraffende sanctie) gesteld moeten worden. Tegen die achtergrond past hij het algemene Awb-procesrecht op een gedifferentieerde wijze toe. Dit blijkt onder meer uit de wijze waarop de bestuursrechter omgaat met bewijs in bestuurlijke boetezaken. Gelet op het voorgaande verwacht ik dat de bestuursrechter de komende jaren nog verder zal groeien in zijn rol als bestuursstrafrechter, de Awb biedt hem die ruimte.