NJF 2021/428
Faillissementsrecht. Prejudiciële vragen (pensioenpremies) in het kader van de Wet homologatie onderhands akkoord.
Rb. Amsterdam 23-08-2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:4475
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
23 augustus 2021
- Magistraten
Mrs. A.E. de Vos, M.C. Bosch, V.G.T. van Emstede
- Zaaknummer
C/13/704064 / FT RK 21.587
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Verzekeringsrecht / Pensioenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2021:7533, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 21‑12‑2021
ECLI:NL:RBAMS:2021:4475, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 23‑08‑2021
ECLI:NL:RBAMS:2021:4741, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 05‑08‑2021
- Wetingang
Essentie
Faillissementsrecht. Prejudiciële vragen (pensioenpremies) in het kader van de Wet homologatie onderhands akkoord.
Samenvatting
Per 1 januari 2021 is de WHOA (Wet homologatie onderhands akkoord) ingevoerd als onderdeel van de Faillissementswet. De WHOA biedt een instrument aan voor ondernemers met (dreigende) financiële problemen om een faillissement af te wenden door hun schulden te saneren en/of de wijze van financiering van de onderneming te herstructureren. Een ondernemer die in zo’n situatie verkeert, kan zijn schuldeisers en aandeelhouders een akkoord aanbieden dat voorziet in een wijziging van hun rechten. Zoals vaker bij een nieuwe wet zijn er nog openliggende vraagpunten, en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.