AB 2014/254
Begrip overtreder. Onweersproken gesteld dat overtreding niet feitelijk is begaan. Handeling kan appellante niet worden toegerekend, nu zij hiertoe geen opdracht of toestemming heeft gegeven en aannemelijk is dat een derde de afvalstoffen op onjuiste wijze ter inzameling heeft aangeboden.
RvS 21-05-2014, ECLI:NL:RVS:2014:1841, m.nt. C.M.M. van Mil
- Instantie
Raad van State
- Datum
21 mei 2014
- Magistraten
Mr. S.F.M. Wortmann
- Zaaknummer
201309137/1/A4
- Noot
C.M.M. van Mil
- JCDI
JCDI:ADS918515:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2014:1841, Uitspraak, Raad van State, 21‑05‑2014
- Wetingang
Essentie
Onweersproken gesteld dat overtreding niet feitelijk is begaan en handeling kan appellante niet worden toegerekend, nu aannemelijk is dat een derde de afvalstoffen op onjuiste wijze ter inzameling heeft aangeboden.
Samenvatting
Appellante betoogt dat het college haar ten onrechte als overtreder heeft aangemerkt. Daartoe stelt zij dat iemand anders de doos uit de gemeenschappelijke berging heeft gehaald en verkeerd ter inzameling heeft aangeboden.
Ingevolge art. 5:1 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht wordt onder overtreder verstaan: degene die de overtreding pleegt of medepleegt. Onder omstandigheden kan een persoon als overtreder worden aangemerkt zonder dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.