BR 2022/6
Afwachten van concretiserende besluitvorming niet onredelijk belastend
ABRvS 29-09-2021, ECLI:NL:RVS:2021:2166, m.nt. M.J.W. Timmer & L. van Leeuwen
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
29 september 2021
- Magistraten
Mrs. J.E.M. Polak, G.T.J.M. Jurgens en B. Meijer
- Zaaknummer
202005975/1/A2
- Noot
M.J.W. Timmer & L. van Leeuwen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS626556:1
- Vakgebied(en)
Omgevingsrecht / Omgevingsvergunning
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Ruimtelijk bestuursrecht / Tegemoetkoming in schade (planschade)
Bestuursrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2021:2166, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 29‑09‑2021
- Wetingang
(Art. 6.1 lid 6 Wro)
Essentie
Afwachten van concretiserende besluitvorming niet onredelijk belastend
Samenvatting
De Afdeling oordeelt dat uit artikel 6.1 lid 6 Wro volgt dat het college van degene die om een tegemoetkoming in planschade verzoekt, kan verlangen dat deze zijn schade beperkt door een aanvraag te doen voor een omgevingsvergunning. Het college kan het aanvragen van een dergelijke vergunning echter niet vergen als dit onredelijk belastend is. Aangezien appellant niet heeft onderbouwd dat het aanvragen van een omgevingsvergunning niet van hem kan worden gevergd, heeft het college het verzoek om een tegemoetkoming terecht afgewezen.
Partij(en)
Uitspraak op het hoger beroep van: ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.