BNB 2025/112
Zuiveringsheffing naar drie vervuilingseenheden. Discriminatie van tweepersoonshuishoudens
HR 21-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:416, m.nt. A.W. Schep
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 maart 2025
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk, Van Roij
- Zaaknummer
24/01095
- Conclusie
A-G Wattel
- Noot
A.W. Schep
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD24566:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden / Waterschapsbelastingen
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:416, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑03‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1235, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑11‑2024
- Wetingang
Art. 122h Waterschapswet
Essentie
Zuiveringsheffing naar drie vervuilingseenheden. Discriminatie van tweepersoonshuishoudens
Samenvatting
Belanghebbende heeft zich voor het Hof op het standpunt gesteld dat een zuiveringsheffing naar drie vervuilingseenheden bij een tweepersoonshuishouden in strijd is met het verdragsrechtelijke discriminatieverbod en met art. 1 Protocol 1 EVRM. Het Hof heeft dit standpunt verworpen.
HR: Uit de totstandkomingsgeschiedenis van de zuiveringsheffing volgt dat de wetgever uit doelmatigheidsoverwegingen als uitgangspunt heeft gekozen voor een forfaitaire heffing naar een vaste grondslag van drie eenheden. Aanvankelijk gold voor alle woonruimten een forfait dat was gebaseerd op de landelijk gemiddelde woningbezetting. In verband met bezwaren vanuit de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.