Aanvullen van subjectieve rechten
Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/2.1:2.1 Methodologische opzet deel I
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/2.1
2.1 Methodologische opzet deel I
Documentgegevens:
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS305230:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
60. In deel I beschrijf ik het theoretisch kader dat ik in dit onderzoek heb gebruikt. Een theoretisch kader kan drie doelen dienen.1 Ten eerste kan het uitwerken van een theoretisch kader worden gebruikt om de lezer te introduceren in het begrippenapparaat dat in het onderzoek wordt gehanteerd. Zijn er bijvoorbeeld termen die in het onderzoeksverslag vaak worden gebruikt, dan is het handig om die uit te leggen. Ten tweede stelt het uitwerken van een theoretisch kader de lezer in staat om zich het gezichtspunt eigen te maken van waaruit de onderzoeker het onderzoek heeft uitgevoerd, zodat de keuzes van de onderzoeker inzichtelijk worden. Dat maakt het voor de lezer gemakkelijker om te begrijpen waarom de onderzoeker bepaalde bronnen wel of niet heeft gebruikt, waarom hij bepaalde onderwerpen wel of niet in zijn onderzoek heeft betrokken en hoe hij tot zijn conclusies is gekomen (althans hierover met de onderzoeker de discussie aan te gaan). Ten derde kan een theoretisch kader worden gebruikt als onderdeel van het onderzoek, door het te gebruiken om iets mee te verklaren of door het als toetsingsmaatstaf te gebruiken.2 Om een theoretisch kader te gebruiken als toetsingsmaatstaf, is het wel nodig om het te ‘operationaliseren’: de criteria die uit het theoretisch kader worden afgeleid moeten zo eenduidig zijn dat een andere onderzoeker het onderzoek zou kunnen reproduceren.3
61. In de volgende hoofdstukken probeer ik de drie bovengenoemde doelen van een theoretisch kader te verwezenlijken. In hoofdstuk 3 en 4 introduceer ik een begrippenkader, respectievelijk enkele concepten die kunnen worden gebruikt om het vermogensrecht te analyseren. In hoofdstuk 5 en 6 pas ik deze begrippen en concepten toe om te bekijken hoe subjectieve rechten zijn opgebouwd en op welke manieren ze kunnen worden aangevuld. De gevonden manieren hebben bepaald welke onderwerpen ik in de rest van het onderzoek heb opgenomen en welke keuzes ik bij het uitwerken van deze onderwerpen heb gemaakt. In hoofdstuk 7 formuleer ik enkele uitgangspunten die kunnen worden gebruikt om te bepalen of en hoe subjectieve rechten dienen te worden aangevuld. Deze uitgangspunten gebruik ik in de rest van het onderzoek als toetsingsmaatstaf. In hoofdstuk 8 vat ik het theoretisch kader samen en geef ik de consequenties aan voor de rest van het onderzoek.