NJB 2025/489
Witwassen bij een voorwerp dat afkomstig is uit een zelf begaan misdrijf, art. 420bis en 420quater Sr: deze bepalingen staan er niet aan in de weg dat iemand wordt veroordeeld voor (schuld)witwassen van het uit eigen misdrijf afkomstige voorwerp. Dat geldt ook voor het verwerven of voorhanden hebben van zo’n voorwerp. Wanneer echter vaststaat dat het enkele verwerven of voorhanden hebben door de verdachte van een voorwerp dat onmiddellijk afkomstig is uit een door hemzelf begaan misdrijf niet kan hebben bijgedragen aan het verbergen of verhullen van de criminele herkomst van dat voorwerp, kan die gedraging niet als (schuld) witwassen worden gekwalificeerd. Als het gaat om het verwerven of voorhanden hebben van een voorwerp dat onmiddellijk afkomstig is uit een door de verdachte zelf begaan misdrijf, moet een vonnis of arrest voldoende duidelijk maken dat de verdachte het voorwerp niet alleen heeft verworven of voorhanden heeft gehad, maar dat zijn gedragingen ook (kennelijk) gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van het voorwerp. In casu kon het hof oordelen dat geen sprake is van het verwerven en voorhanden hebben van een ‘onmiddellijk’ uit eigen misdrijf afkomstig voorwerp, nu de verdachte het geldbedrag later heeft ontvangen als ‘beloning’ voor de door hem in het kader van de criminele organisatie verrichte werkzaamheden, die mede verband hielden met het beheer van contante geldstromen afkomstig uit de handel in verdovende middelen.
HR 18-02-2025, ECLI:NL:HR:2025:215
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
18 februari 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, T.B. Trotman
- Zaaknummer
23/01525
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Bijzonder strafrecht (V)
Materieel strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:215, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑02‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1137, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑11‑2024
- Wetingang
(art. 420bis, 420quater Sr)
Essentie
Witwassen bij een voorwerp dat afkomstig is uit een zelf begaan misdrijf, art. 420bis en 420quater Sr: deze bepalingen staan er niet aan in de weg dat iemand wordt veroordeeld voor (schuld)witwassen van het uit eigen misdrijf afkomstige voorwerp. Dat geldt ook voor het verwerven of voorhanden hebben van zo’n voorwerp. Wanneer echter vaststaat dat het enkele verwerven of voorhanden hebben door de verdachte van een voorwerp dat onmiddellijk afkomstig is uit een door hemzelf begaan misdrijf niet kan hebben bijgedragen aan het verbergen of verhullen van de criminele herkomst van dat voorwerp, kan die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.