Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/1.3:1.3 (Dis)continuïteit
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/1.3
1.3 (Dis)continuïteit
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS496526:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
L.C.A. Verstappen, Rechtsopvolging onder algemene titel (diss. Nijmegen), Deventer: Kluwer 1996, p. 41-44.
Kamerstukken II 1984/85, 17 725, nr. 7, p. 19.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Rechtsvormwijziging is een rechtsfiguur met twee kanten. De rechtsfiguur vertoont elementen van continuïteit en van discontinuïteit.1 In hoeverre rechtsvorm-wijziging leidt tot (dis)continuïteit is van belang voor de beantwoording van de vragen die aan de orde komen in hoofdstuk 5. De wetgever neemt continuïteit van de rechtspersoon als uitgangspunt. De rechtspersoon blijft na rechtsvormwijziging gehandhaafd. Indien een rechtspersoon van rechtsvorm wijzigt, is geen sprake van liquidatie en oprichting van een nieuwe rechtspersoon. Artikel 2:18 lid 8 BW bepaalt:
`Omzetting beëindigt het bestaan van de rechtspersoon niet.'
In de parlementaire geschiedenis komt naar voren dat rechtsvormwijziging soms meer of minder 'ingrijpend', dat wil zeggen meer of minder (dis)continu, kan zijn:
`Omzettingen zullen in feite vaak weinig verandering brengen, minder dan ingrijpende statutenwijzigingen. Daaraan behoeft de wet dan ook geen grotere beletselen in de wet te leggen dan nodig is, zeker niet op enkel gevoelsmatige gronden.'2
Naast continuïteit vertoont een rechtspersoon bij rechtsvormwijziging discontinuïteit. De vorm van de rechtspersoon wijzigt. Vanuit dat oogpunt bezien is derhalve sprake van wijziging van de structuur van de rechtspersoon.
De mate van (dis)continuïteit van rechtsvormwijziging wordt bepaald door (i) de aard van de rechtsvormwijziging (de vorm) en (ii) de invulling van het wettelijk kader (de inhoud). De invulling van het wettelijk kader vindt plaats via statutenwijziging. Rechtsvormwijziging kan niet plaatsvinden zonder statutenwijziging:
Rechtsvormwijziging van een naamloze vennootschap in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid impliceert naar haar aard meer continuïteit dan rechtsvormwijziging van een stichting in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.
Rechtsvormwijziging van een naamloze vennootschap (met toonderaandelen en een raad van commissarissen) in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (zonder raad van commissarissen) leidt tot meer discontinuïteit dan rechtsvormwijziging van een naamloze vennootschap (met aandelen op naam zonder raad van commissarissen) in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid zonder raad van commissarissen.
Als het gaat om de aard van de rechtsvormwijziging kan rechtsvormwijziging zich voordoen tussen alle varianten van privaatrechtelijke rechtspersonen. Rechtsvormwijziging van of in een stichting vertoont naar haar aard veel discontinuïteit omdat deze rechtsvorm het meest afwijkt van de overige privaatrechtelijke rechtspersonen vanwege het doelgebonden karakter van het aan de stichting toebehorende vermogen. Rechtsvormwijziging gaat altijd gepaard met statutenwijziging. Er kunnen zich ter gelegenheid van rechtsvormwijziging twee soorten statutaire wijzigingen voordoen. Er zijn wijzigingen die rechtstreeks het gevolg zijn van de statutaire inrichting binnen het kader dat de wet schept voor die rechtsvorm (de noodzakelijke wijzigingen) en wijzigingen die ter gelegenheid van de rechtsvormwijziging worden doorgevoerd maar niet noodzakelijk zijn in het kader van rechtsvormwijziging (de niet-noodzakelijke wijzigingen). Noodzakelijke wijzigingen vloeien voort uit de aard van de rechtsvorm na rechtsvormwijziging. Niet-noodzakelijke wijzigingen kunnen ook tot stand gebracht worden voor of na rechtsvormwijziging door statutenwijziging.
Voorbeeld noodzakelijke wijziging:
Na rechtsvormwijziging van een vereniging in een stichting bevatten de statuten geen bepalingen meer over leden omdat de rechtspersoon geen leden meer kent.
Voorbeeld niet-noodzakelijke wijziging:
Ter gelegenheid van rechtsvormwijziging van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid in een naamloze vennootschap wordt een raad van commissarissen geïntroduceerd. De statuten geven een regeling over benoeming, schorsing en ontslag en het functioneren van de raad van commissarissen.
Rechtsvormwijziging kent elementen van continuïteit en van discontinuïteit (net als bij statutenwijziging). Meer discontinuïteit op grond van de aard van de rechtsvormwijziging, leidt tot verdergaande beschermende wettelijke bepalingen voor de betrokkenen. Een voorbeeld daarvan is de vereiste rechterlijke machtiging bij rechtsvormwijziging van of in een stichting.
De tekst van het manuscript is afgesloten op 31 december 2008.