RVR 2020/69
Planschade. Welke eisen kunnen worden gesteld aan de onderbouwing en motivering van de schadeberekening bij een besluit op een planschadeverzoek? Kon het College van B&W het advies van de adviseur aan zijn besluitvorming ten grondslag leggen?
Rb. Oost-Brabant 09-06-2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:2922
- Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
- Datum
9 juni 2020
- Magistraten
Mr. M.J.H.M Verhoeven
- Zaaknummer
SHE 20/675
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS229540:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Ruimtelijk bestuursrecht / Tegemoetkoming in schade (planschade)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBOBR:2020:2922, Uitspraak, Rechtbank Oost-Brabant, 09‑06‑2020
- Wetingang
Art. 6.1 Wro; art. 6.1.3.2 Bro
Essentie
Planschade. Adviseur. Schatting omzetdaling. Motivering.
Welke eisen kunnen worden gesteld aan de onderbouwing en motivering van de schadeberekening bij een besluit op een planschadeverzoek? Kon het College van B&W het advies van de adviseur aan zijn besluitvorming ten grondslag leggen?
Samenvatting
Eiser en eiseres hebben bij de rechtbank beroep ingesteld tegen een beslissing op bezwaar, waarbij hun bezwaar ongegrond is verklaard tegen het besluit over een planschadeverzoek. De bespreking van deze uitspraak blijft beperkt tot het beroep van eiseres, exploitant van het bedrijf waarop het planschadeverzoek betrekking heeft.
Het College van B&W had – nadat het planschadeverzoek ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.