JWB 2014/420
Procesrecht, Hoor en wederhoor
HR 05-12-2014, ECLI:NL:HR:2014:3534
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
5 december 2014
- Zaaknummer
14/03972
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Burgerlijk procesrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:3534, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 05‑12‑2014
ECLI:NL:PHR:2014:1913, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 24‑10‑2014
- Wetingang
Essentie
Procesrecht, Hoor en wederhoor
Samenvatting
Casus
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie wordt verwezen naar het vonnis in de zaak 2741940/14-3224 van de kantonrechter te Den Haag van 22 april 2014. Tegen het vonnis van de kantonrechter heeft eiser tot cassatie beroep in cassatie ingesteld.
Beslissing
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen, omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad verklaart daarom – ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.