Sfeerovergangen in de winstsfeer
Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.4.1.0:7.4.1.0 Inleiding
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/7.4.1.0
7.4.1.0 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630567:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Uitgaande van een rendement van 4%.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De toerekening van huurinkomsten en vervreemdingsvoordelen ten aanzien van verhuurd vastgoed heb ik geïllustreerd aan de hand van het volgende voorbeeld:
Een lichaam heeft begin jaar 1 een pand gekocht voor een bedrag van € 900.000.
Het lichaam heeft het vastgoed direct verhuurd voor een periode van 10 jaar voor een marktconforme huur van € 60.000 per jaar.
Met ingang van jaar 6 wordt het lichaam belastingplichtig. De marktwaarde van een vergelijkbaar pand zonder voordelig huurcontract is € 870.000.
De huurprijzen zijn gedaald, zodat een marktconforme huur op het moment van sfeerovergang € 58.000 per jaar is. Het huurrecht heeft derhalve een waardevermeerderende factor van € 9.080.1 De waarde op de fiscale openingsbalans van het vastgoed bedraagt derhalve € 879.080.
Eind jaar 10 eindigt het huurcontract (conform de overeengekomen periode) en wordt het vastgoed verkocht voor een bedrag van € 960.000.
Bij waardering tegen waarde in het economische verkeer wordt het pand gewaardeerd op de fiscale openingsbalans voor € 879.080. Bij verkoop wordt een fiscaal resultaat behaald van € 80.920. Tevens worden de huurinkomsten ad € 300.000 die opkomen in de belaste periode tot de totaalwinst gerekend. Ik heb geconcludeerd dat deze uitkomst niet past binnen de geformuleerde kwaliteitseisen, omdat meer winst wordt belast dan uiteindelijk gerealiseerd wordt en het huurrecht invloed heeft op de waarde van het vastgoed, waardoor niet alle met de huur verband houdende inkomsten aan de periode waarin ze ontstaan door de bedrijfsuitoefening worden toegerekend.