V-N 2025/47.9
Werkgever hoeft betalingen niet aan te merken als eindheffingsbestanddeel voor IB-vrijstelling WKR
HR 24-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1617, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 oktober 2025
- Magistraten
Van Eijsden, Feteris, Van der Voort Maarschalk
- Zaaknummer
23/04278
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD29887:1
- Vakgebied(en)
Loonbelasting / Werkkostenregeling
Loonbelasting / Loon
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1617, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑10‑2025
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt op het cassatieberoep van de staatssecretaris dat het voor het vrijstellen van betalingen aan X wegens zogeheten ‘expenses’ onder de werkkostenregeling niet nodig is dat de werkgever deze als eindheffingsbestanddelen heeft aangewezen.
Samenvatting
X woont in Nederland en werkt als piloot voor een luchtvaartmaatschappij via een uitzendbureau. Hij is via Ierse vennootschappen, waarvan hij medeaandeelhouder is, aan dat uitzendbureau ter beschikking gesteld. Deze vennootschappen en het uitzendbureau zijn niet inhoudingsplichtig voor de loonbelasting. In zijn aangifte IB/PVV 2016 geeft X een deel van de ontvangen vergoedingen niet aan omdat hij meent dat die gericht ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.