Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/9.3.1:9.3.1 Inleiding
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/9.3.1
9.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. J. Vleggeert, datum 01-11-2008
- Datum
01-11-2008
- Auteur
mr. J. Vleggeert
- JCDI
JCDI:ADS300800:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Deelnemingsvrijstelling
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf wordt de kapitalisatie van de vaste inrichting bezien vanuit het perspectief van de woonstaat. Art. 23 OESO-modelverdrag verplicht de woonstaat om voorkoming van dubbele belasting te verlenen voor de winst die op grond van art. 7 mag worden belast door de staat van de vaste inrichting. Wanneer de woonstaat ten aanzien van de kapitalisatie van een vaste inrichting een andere benadering volgt dan de staat van de vaste inrichting kan een mismatch optreden. Zo is het mogelijk dat de woonstaat meer vreemd vermogen aan de vaste inrichting toerekent dan de staat van de vaste inrichting. De rente over het meerdere komt in dat geval volgens de woonstaat wel maar volgens de vaste-inrichtingstaat niet in aftrek op de winst van de vaste inrichting. Het bedrag waarover de woonstaat voorkoming verleent, zou dan lager zijn dan de winst waarover de staat van de vaste inrichting heft. Ook is het denkbaar dat de woonstaat juist minder vreemd vermogen aan de branch alloceert, dan de staat van de vaste inrichting. Dit zou met zich brengen dat de woonstaat over een hoger bedrag voorkoming verleent dan waarover de vaste inrichtingstaat belasting heft. Hoe moet de bepaling over de voorkoming van dubbele belasting uit het OESO-modelverdrag in deze gevallen worden toegepast?
Hieronder wordt eerst in algemene zin art. 23 A, lid 1, OESO-modelverdrag behandeld. Vervolgens wordt ingegaan op art. 23 A, lid 4, OESO-modelverdrag dat betrekking heeft op double non-taxation. Daarna wordt de situatie besproken waarin de mogelijke dubbele belasting of double non-taxation het gevolg is van een verschil in benadering van de kapitalisatie van een vaste inrichting tussen het land van de vaste inrichting en het woonland.