NJ 2019/67
Financieel recht. Aansprakelijkheidsrecht. Afgeleide schade. Kredietovereenkomst; onrechtmatige daad; was bank gehouden laatste tranche van overeengekomen krediet te verstrekken ingeval weigering leidt tot faillissement?; toetsingsmaatstaf; redelijkheid en billijkheid.
Hof Den Haag 15-08-2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2283
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
15 augustus 2017
- Magistraten
Mrs. F. Damsteegt-Molier, H.J. Vetter, R.F. Groos
- Zaaknummer
200.191.508/01
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS2486:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2017:2283, Uitspraak, Hof Den Haag, 15‑08‑2017
- Wetingang
Essentie
Financieel recht. Aansprakelijkheidsrecht. Afgeleide schade. Kredietovereenkomst; onrechtmatige daad; was bank gehouden laatste tranche van overeengekomen krediet te verstrekken ingeval weigering leidt tot faillissement?; toetsingsmaatstaf; redelijkheid en billijkheid.
Samenvatting
Vraag of bank aansprakelijk is tegenover partij bij financieringsovereenkomsten en haar (indirect) aandeelhouder wegens niet-verschaffen laatste tranche toegezegde lening, waarna de vennootschap failliet gaat. Alleen onder bijzondere omstandigheden kan worden aangenomen dat de bank tot doorfinanciering op grond van redelijkheid en billijkheid was gehouden, ook als de (contractuele) zorgplicht van de bank en de maatschappelijke belangen die zijn gemoeid met het voorkomen van een faillissement van de vennootschap, in aanmerking ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.